header foto header foto header foto header foto
 

Verantwoordelijkheid

De verantwoordelijkheid van de begeleider

Onder 'begeleider' wordt in deze gedragsregels verstaan:

• sporttechnisch kader (trainers, coaches, team managers, trainingscoördinatoren en opleiders);

• sportmedisch kader (fysiotherapeuten, masseurs, artsen, psychologen);

• sport organisatorisch en facilitair kader (leiders, begeleiders, wedstrijdfunctionarissen, onderhoudsmedewerkers enzovoort);

• bestuurlijk kader, commissiehoofden.

Naast een sportieve taak heeft een sportbegeleider ook een (weliswaar gedeelde) opvoedkundige opdracht. De begeleider is medeverantwoordelijk voor de veiligheid, de gezondheid en het welzijn van de (jonge) sporter en voor diens ontwikkeling naar zelfstandigheid. Daarbij moet de begeleider zelf de persoonlijke grenzen van de sporter respecteren en de grenzen van professioneel gedrag niet overschrijden. Ook moet een begeleider de sporter ondersteunen in het zelf stellen van grenzen naar anderen toe.

'Mag ik ze dan geen aai meer over hun bol geven?'

De omgang tussen mensen en het lichamelijke contact bij het sporten laten zich niet tot in detail regelen. Dat is ook niet de bedoeling van de gedragsregels. Lichamelijk contact kan functioneel zijn en een 'aai over de bol' kan motiverend en prettig zijn. Aanrakingen en bijvoorbeeld het geven van complimentjes moeten in de sport geen taboe worden.

De gedragsregelszijn richtlijnen voor de begeleider, waarmee seksuele intimidatie kan worden voorkomen. Ze geven de grenzen aan van het handelen. Ze fungeren als toetssteen voor het gedrag van begeleiders en sporters in concrete situaties. Ze nodigen uit tot nadenken en discussiëren over het eigen handelen en dat van anderen in de sportomgeving.

Hoe te handelen bij overschrijding van de regels?

Als je grensoverschrijdend gedrag signaleert, dien je maatregelen te nemen. Wat kun je doen?

• De betreffende persoon op zijn gedrag aanspreken.

• Het bevoegde gezag (bestuur ) van de vereniging inlichten (in overleg met het slachtoffer).

• Een officiële klacht indienen bij het bevoegde gezag (bestuur of directie) van de vereniging of sportbond (in overleg met het slachtoffer).

• Aangifte doen bij de politie (in overleg met het slachtoffer) indien er een strafbaar feit is gepleegd.

• Het slachtoffer wijzen op de Vertrouwens Contact Persoon binnen MHCB of het NOC*NSF meldpunt seksuele intimidatie .